Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Algemeen

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing - Algemeen

De paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing geeft inzicht in de mate waarin we in staat zijn om (grote) risico’s of samenloop van risico’s op te vangen. 

De paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing bestaat uit drie onderdelen:

  1. Een berekening van de beschikbare middelen om risico's op te vangen, de zogenaamde beschikbare weerstandscapaciteit.
  2. Een inventarisatie van de financiële risico's die de gemeente loopt, de zogenaamde benodigde weerstandscapaciteit.
  3. Een beeld van de financiële positie van de gemeente, weergegeven aan de hand van een verzameling ratio's.

Er is meer aandacht besteed aan de inventarisatie van de beschikbare en benodigde weerstandscapaciteit. Bij de risico-inventarisatie moet aangetekend worden dat dit een doorlopend proces is waarbij onzekerheid een kernbegrip is. Het gaat om inschattingen van situaties die zich mogelijk in de toekomst kunnen voordoen.

Naast een indicatie van de financiële omvang van die risico’s en onze mogelijkheden om die op te vangen is de inventarisatie ook van belang voor het versterken van het risico-bewustzijn van de organisatie.

Actuele Weerstandscapaciteit

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing - Actuele Weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit is het totaal aan middelen dat we kunnen inzetten om de financiële gevolgen van voorkomende risico’s op te vangen zodra die zich voordoen. Bij het samenstellen van deze paragraaf is van de reserves, veruit de belangrijkste bron van de weerstandscapaciteit, opnieuw beoordeeld of deze als onderdeel van de weerstandscapaciteit benoemd moeten en kunnen worden. 

Omschrijving (x € 1.000,--) Begroting 2027
Algemene reserve vrij besteedbaar 20.821
Reserve weerstandsvermogen 3.000
Saldo meerjarenbegroting 1.146
Onvoorzien 29
Weerstandscapaciteit 24.996

 

Volgens de begroting 2027 heeft de gemeente Nieuwkoop op 31 december 2027 een weerstandscapaciteit van € 25,0 miljoen.

Risico inventarisatie

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing - Risico inventarisatie

De risico-inventarisatie bevat risico's die financieel gekwantificeerd kunnen worden. Om een beeld te geven van de aard en de omvang van de risico's zijn hieronder de grootste risico's kort omschreven. Het gaat om risico's die financiële gevolgen kunnen hebben van meer dan € 50.000.

Bij de risico-inventarisatie is een begin gemaakt met een meer gestructureerde wijze van kijken naar risico’s. Daarbij is ook meer aandacht voor beheersmaatregelen en de kans dat bepaalde risico’s zich gaan voordoen. Ook besteden we aandacht aan risico’s die niet primair financieel van aard zijn. 

Gebeurtenis / Situatie Programma Risico-bedrag 2027 (x € 1.000,--)
Verlies op grondexploitaties 1. Ruimtelijke ontwikkeling 239
Aangescherpte regels voor luchtvaartgeluid en de stapeling van geluid kunnen woningbouwplannen beperken of vertragen. Dit kan leiden tot aanvullend onderzoek, aanpassing van plannen, extra maatregelen, lagere grondopbrengsten of uitstel. De gevolgen hangen af van landelijke regelgeving en verschillen per locatie. 1. Ruimtelijke ontwikkeling 268
Veranderende stikstofregels kunnen woningbouw- en gebiedsprojecten vertragen of beperken. Per project zijn berekeningen, ecologisch onderzoek en soms een natuurvergunning nodig. Dit leidt tot extra inzet, onderzoeks- en plankosten. Ook kan vertraging leiden tot hogere uitvoeringskosten, rente en lagere of latere grondopbrengsten. Tot nu toe leidde stikstof bij gemeentelijke woningbouwprojecten tot uitstel, maar niet tot afstel. Afstel of ingrijpende aanpassing van toekomstige projecten blijft mogelijk. 1. Ruimtelijke ontwikkeling 626
Door beperkte capaciteit op het elektriciteitsnet kunnen nieuwe woningen of bijbehorende voorzieningen niet tijdig worden aangesloten. Dit kan de start of oplevering van woningbouwprojecten vertragen. Vertraging leidt mogelijk tot extra plankosten, prijsstijgingen, rente, aanpassing van ontwerpen en lagere of latere grondopbrengsten. De gemeente beperkt dit risico door projecten vroeg aan te melden, aanvragen tijdig en volledig in te dienen, af te stemmen met gemeenten rond hetzelfde onderstation en netbewuste oplossingen te onderzoeken. 1. Ruimtelijke ontwikkeling 750
Toename van de kosten voor onderwijshuisvesting als gevolg van groei in een aantal kernen. 3. Sociaal domein 60
De regionale jeugdhulp wordt vanaf 2025 afgerekend op basis van daadwerkelijke kosten in het lopende jaar (T=0)  in plaats van  op basis van de werkelijke  kosten van twee jaar terug (T=-2). De kosten kunnen daardoor sterker fluctueren. Het financiële risico neemt hierdoor toe.  3. Sociaal domein 525
Toename van de kosten van de Wmo door vergrijzing en het abonnementstarief. 3. Sociaal domein 90
De onrust in de wereld vergroot de kans op forse prijsstijgingen van de bouwkosten 3. Sociaal domein 500
Niet in aanmerking komen voor compensatieregeling Participatiewet bij overschrijding boven de 7,5% van het BUIG-budget. 3. Sociaal domein 350
Overtreding van de Algemene Verordening Gegevensbescherming.  Overhead 240
Microsoft wijzigt eenzijdig licentievoorwaarden, prijzen of functionaliteiten; cloud-only features; gedwongen bundeling (vendor lock-in). Overhead 150
Uitval van ICT-voorzieningen, waaronder hardware (ICT-ruimten, bekabeling en datalijnen), software en internetdiensten. Overhead 300
Informatiebeveiligingsincident, zoals bijvoorbeeld een hack waardoor digitale informatie onvoldoende toegankelijk, of digitale informatie wordt oneigenlijk gebruikt of verstrekt. Overhead 2.500
Moeite met het werven van goed gekwalificeerde medewerkers door krapte op de arbeidsmarkt. Bij de financiële impact is een bedrag opgenomen voor de extra wervings- en selectiekosten die gepaard gaan met de inzet van een searchbureau. Ook kunnen projecten vertraging oplopen als onvoldoende gekwalificeerde medewerkers beschikbaar zijn. Overhead 100
Lager te ontvangen dividend Alliander. Algemene dekkingsmiddelen 200
Hogere rente dan nu in de ramingen is opgenomen.  Algemene dekkingsmiddelen 700
Verlaging van de uitkering uit het gemeentefonds. Algemene dekkingsmiddelen 420
Totaal   8.018

Weerstandsvermogen

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing - Weerstandsvermogen

De ratio weerstandsvermogen, ook wel de weerstandsratio genoemd, wordt als volgt berekend:

Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit / Benodigde weerstandscapaciteit

Op basis van het voorgaande is de actuele weerstandsratio van onze gemeente:

Ratio weerstandsvermogen =    24.996.000 / 8.018.000 = 3,1

 

Waarderingstabel weerstandsvermogen (bron: Nederlands Adviesbureau Risicomanagement)

Waarderingscategorie Ratio weerstandsvermogen Betekenis
A > 2,0 Uitstekend
B 1,4 < x < 2,0 Ruim voldoende
C 1,0 < x < 1,4 Voldoende
D 0,8 < x < 1,0 Matig
E 0,6 < x < 0,8 Onvoldoende
F < 0,6 Ruim onvoldoende

 

Volgens de waarderingstabel plaatst een ratio van 3,1 de gemeente Nieuwkoop in de categorie A.

Beeld van de financiële positie

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing - Beeld van de financiële positie

Met de weerstandsratio is nog lang niet alles gezegd over de financiële positie in brede zin. Om daarvan een beeld te krijgen, kunnen we een aantal andere ratio's raadplegen. Het BBV schrijft voor dat doel de volgende ratio's voor.

 

Kengetal Jaarrekening 2025
Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Begroting 2029 Begroting 2030
Netto schuldquote

-0,59%

28,36% 41,32% 72,33% 78,22% 78,20%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen -7,56% 17,94% 31,04% 61,48% 67,48% 67,57%
Solvabiliteitsratio 58,47% 50,37% 51,71% 47,68% 45,12% 44,66%
Grondexploitatie -5,74% -10,51% -4,36% -1,22% 5,48% 5,43%
Structurele exploitatieruimte 7,94% 2,23% 1,56% 0,24% -0,76% -0,06%
Belastingcapaciteit 113,49% 116,90% 115,89% 115,89% 115,89% 115,89%


Het verloop van de ratio's ontwikkelt zich naarmate de gemeente financieel ontwikkelt. Ieder besluit met financiële gevolgen verandert iets aan de (toekomstige) financiële positie van de gemeente en dus ook aan een ratio die daar uitdrukking aan geeft. De ratio’s zijn berekend met het door de provincie beschikbaar gestelde Rekenmodel financiële kengetallen. Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft de hieronder beschreven ratio's voor.

Netto schuldquote
De netto schuldquote zegt iets over de mate waarin het inkomen van de gemeente toereikend is om aan de schuldverplichtingen te voldoen. De netto schuldquote geeft de verhouding weer tussen de netto schuldpositie van de gemeente en de totale baten, exclusief mutaties in reserves. Bij een netto schuldquote hoger dan 130% is sprake van een hoge schuld. Onder de 100% is sprake van een gemiddelde tot lage schuld.

De stijgende schuldquote is een gevolg van een stijgende financieringsbehoefte door het ambitieuze investeringsprogramma van de gemeente.

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
Bij de 'Netto Schuldquote Gecorrigeerd Voor Alle Verstrekte Leningen' wordt het vreemde vermogen verminderd met de doorgeleende gelden (leningen van de gemeente aan derden). De begrote netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen wijkt nauwelijks af van de netto schuldquote wanneer er sprake is van weinig doorgeleende gelden. 

Solvabiliteitsratio
De solvabiliteitsratio geeft weer in hoeverre het totaal van de activa is gefinancierd met eigen middelen. De ratio wordt berekend door het Eigen Vermogen te delen door het totale vermogen. De begrote solvabiliteitsratio aan het einde van 2027 bedraagt 51,71% en voldoet aan het bij de begroting 2016 door de raad genomen besluit dat deze meer dan 40% moet bedragen. Door het ambitieuze investeringsvolume is ook hier een dalende trend te zien. 

Grondexploitatie
Deze indicator geeft de relatieve hoogte van de voorraad bouwgrond en het onderhanden werk (de grondpositie) in de grondexploitaties aan. De waarde van de grondpositie wordt gedeeld door de totale baten uit de gemeentelijke exploitatie. Hoe groter de grondpositie in verhouding tot de totale gemeentelijke baten, hoe groter het verhoudingsgewijze risico dat de gemeente loopt in de grexen. De begrote ratio grondexploitatie aan het einde van 2027 bedraagt -4,36% vanwege een negatieve waarde van grondexploitaties.

Structurele exploitatieruimte
Het financiële kengetal ’structurele exploitatieruimte’ geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte binnen de begroting is, afgezet tegen de inkomsten. Als norm voor gezond begrotingsevenwicht kan 0,6% van de algemene dekkingsmiddelen gehanteerd worden. Deze norm is gebaseerd op de vuistregel die bij art.12- gemeenten gehanteerd wordt voor de bepaling van de ruimte in de begroting om structurele tegenvallers op te vangen. We zetten de structurele ratio af tegen de hiervoor genoemde 0,6%. In 2027 bedraagt de begrote structurele exploitatieruimte 1,56%, maar daalt naar -0,06% in 2030. 

Belastingcapaciteit 
De ruimte die een gemeente heeft om de belastingen te verhogen wordt vaak gerelateerd aan de totale woonlasten. Het COELO (Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden) publiceert deze lasten ieder jaar in de Atlas van de lokale lasten. Tot de woonlasten behoren de Onroerendezaakbelasting (OZB), de rioolheffing en de afvalstoffenheffing. De belastingcapaciteit wordt berekend door de totale woonlasten van een meerpersoonshuishouden te vergelijken met het landelijk gemiddelde in het voorgaande jaar en de uitkomst uit te drukken in een percentage. Uit de berekening blijkt dat in 2027 de belastingcapaciteit 115,89% is. Dat betekent dat in onze gemeente de belastingdruk 15,89% boven het landelijk gemiddelde ligt. Tegelijkertijd blijkt uit de regionale vergelijking van de woonlasten in de paragraaf Lokale heffingen dat de woonlasten in onze gemeente lager liggen dan het gemiddelde van de omliggende gemeenten.

Kengetallen in samenhang
De verschillende financiële indicatoren en kengetallen geven in samenhang een beeld van de financiële positie van onze gemeente. Ons beleid is erop gericht te voorkomen dat de financiële positie verslechtert en onze gemeente in een situatie komt waarin beleidsinhoudelijke concessies (bezuinigingen) noodzakelijk zijn. Dat beleid krijgt vorm in het streven naar voldoende structurele ruimte in de exploitatie, een gezonde schuldpositie en solvabiliteit, en een verstandige omgang met het eigen vermogen en de grondexploitaties.

Op dit moment, zomer 2026, zien we binnen de termijn van de meerjarenbegroting een verslechtering van de solvabiliteit en ook andere kengetallen ontwikkelen zich negatief. Dit is deels het natuurlijke gevolg van (voorgenomen) investeringen die in het belang zijn van onze samenleving. Daarnaast ondervinden we de gevolgen van niet beïnvloedbare ontwikkelingen zoals de daling van de uitkering uit het gemeentefonds, de toegenomen inflatie en de gestegen rente.